Jac Blommaart

Ik ben op 25 februari 1933 in Lamswaarde (Zeeuws-Vlaanderen) geboren. Mijn vader was bakker en mijn moeder werkte in de kruidenierszaak. Ik was de jongste van de acht kinderen in het gezin.

Toen ik zeven jaar oud was, brak de oorlog uit. Op 10 mei 1940 kwam mijn vader ons wekken om naar de Duitse vliegtuigen te kijken. Het was angstig voor mij toen later de Duitse soldaten het dorp binnen marcheerden. Ik kon toen niet meer naar school omdat de nazi’s het schoolgebouw vorderden.

De oorlogsdreiging nam gaandeweg toe: huizen moesten worden verduisterd, zoeklichten en luchtafweergeschut waren actief in de nacht. Ook schepen op de Schelde werden onder vuur genomen. Mijn oudste broer moest vanwege de Arbeitseinsatz in Duitsland gaan werken. Mijn zus werd opgepakt omdat ze in het verzet zat en kwam terecht in kamp Vught. Na de bevrijding kregen we Engelse soldaten ingekwartierd in ons huis.

Terwijl ik op 4 mei 1943 met een vriendje in de polder aan het spelen was, zag ik hoe boven mijn hoofd Maciej Lipinski bij een luchtgevecht uit de lucht werd geschoten. Zijn Spitfire stortte neer bij Roversberg, en hij kwam aan zijn parachute neer bij Kuitaart. Hij leefde nog een paar minuten, want hij was geraakt in een slagader in zijn been. Op 4 mei, de dag dat wij onze doden herdenken, staat hij voor mij centraal. Een jonge Poolse man, naar Engeland gevlucht, boven mijn hoofd voor onze vrijheid neergeschoten en gesneuveld.

De oorlog heeft mij bewust gemaakt dat het om ménsen gaat. Het is vooral de burgerbevolking die te lijden heeft. Vóór de oorlog en ná de oorlog, het blijft een scheidslijn. Wie het heeft meegemaakt, vergeet het nooit meer. De waanzin! Hoe het waanidee van één man, Hitler, leidde tot onafzienbare oorlogskerkhoven. De slachtoffers tellen. Het materieel is vervangbaar, de doden niet.

En het houdt niet op: Oekraïne, Gaza, Jemen. Midden-Afrika, Somalië. Deze conflicten herinneren mij eraan dat de waanzin van oorlog altijd door blijft gaan. Ik ben gepensioneerd leerkracht in het speciaal onderwijs en vind het belangrijk om kinderen te vertellen over mijn oorlogservaringen.